Geboortezorg echo-1dd06637-5536-484b-a297-f995d34f4639.jpg
Medisch specialistische zorg 26-02-2021

Zorgverzekeraars steunen de integrale geboortezorg organisaties (IGO’s)

Zorgverzekeraars Nederland (ZN) betreurt net als de Nederlandse Zorgautoriteit het besluit van de Tweede Kamer om de tijdelijke regeling voor integrale bekostiging niet om te zetten in een structurele regeling. Juist daar waar verloskundigen, gynaecologen en kraamverzorgenden intensiever willen samenwerken om de zorg voor moeder en kind te verbeteren is een integrale manier van bekostiging hard nodig.

Nauwe samenwerking tussen professionals is volgens de zorgstandaard integrale geboortezorg vereist om de beste zorg voor de (kwetsbare) moeder en kind te kunnen leveren. De huidige vorm van bekostiging, de monodisciplinaire bekostiging, zorgt echter voor meer individuele handelingen. Daarmee belemmert de monodisciplinaire bekostiging de samenwerking tussen de verschillende professionals terwijl dat juist in de geboortezorg essentieel is. Om deze redenen vinden zorgverzekeraars de monodisciplinaire bekostiging niet toekomstbestendig.

De Tweede Kamer heeft donderdag besloten het experiment te verlengen tot en met 31 december 2022. Volgens zorgverzekeraars leidt dit uitstel tot onzekerheid bij de partijen in de geboortezorg die al werken met integrale bekostiging. Omdat niet duidelijk is of de IGO’s door kunnen gaan na 31 december 2022 kan dat hen weerhouden om zich door te ontwikkelen. De eerste geluiden daarover zijn al ontvangen. ZN vindt het dan ook een gemiste kans om de integrale bekostiging niet per 1 januari 2022 structureel te maken. Op dit moment zien zorgverzekeraars geen andere concrete vormen van bekostiging die integrale samenwerking ondersteunen dan de integrale bekostigingssystematiek zoals deze in de experimentele beleidsregel integrale geboortezorg uiteen is gezet.

Zorgverzekeraars zien daarnaast dat door de integrale bekostiging de samenwerking tussen de verschillende geboortezorgpartijen verbetert. De eerste verbeteringen blijken namelijk reeds uit de evaluatie van de RIVM. Ze komen ten goede aan de zorg voor moeder en kind. Bovendien is de keuzevrijheid van zwangere vrouwen te allen tijden gewaarborgd. Zij kan niet alleen kiezen voor een eerstelijns verloskundige, kraamzorgorganisatie of ziekenhuis maar uiteraard ook waar ze wil bevallen: thuis of elders. De integrale vorm van bekostiging verandert niets aan de keuzevrijheid van zwangere vrouwen maar bevordert de samenwerking in de geboortezorg.

Ondanks de teleurstelling gaan zorgverzekeraars de komende tijd uiteraard verder om IGO’s te helpen. Zo zijn zorgverzekeraars bezig het administratief proces verder te vereenvoudigen met oog voor de verschillen tussen de regio’s. Zorgverzekeraars blijven graag met IGO’s in gesprek om verdere verbeteringen te realiseren.