Langdurige zorg

Caro Verlaan: De zorg en ondersteuning voor ouderen zo goed mogelijk regelen vraagt om verandering

De toegang tot zorg staat steeds meer onder druk. Verhalen over de gevolgen van wachtlijsten, personeelstekorten en stijgende kosten zijn aan de orde van de dag. Het groeiend aantal ouderen is voor de ouderenzorg nog een extra uitdaging. Zorgkantoren werken eraan om de langdurige zorg nu en in de toekomst toegankelijk, van goede kwaliteit en betaalbaar te houden.

Caro Verlaan, manager CZ zorgkantoor vertelt hoe de rol van zorgkantoren en andere betrokken partijen in de ouderenzorg noodzakelijkerwijs aan het veranderen is om de uitdagingen die er zijn aan te gaan.

De vraag waarmee Caro Verlaan en haar collega’s volop bezig zijn is: Hoe kunnen wij straks als maatschappij en daarmee ook de zorgkantoren zorgen dat die hele grote groep ouderen een zo goed mogelijk leven kan leiden, met de zorg en ondersteuning die nodig is. “Daarbij spelen de groei van het aantal ouderen en de krappe arbeidsmarkt een doorslaggevende rol. We hebben simpelweg te weinig werkende mensen om de zorg te kunnen leveren. Dus het moet anders, maar hoe dan? Dat is echt de grootste uitdaging waarvoor we staan.” Eén oplossing is er niet. Er moet op meerdere vlakken actie worden ondernomen om de uitdagingen het hoofd te bieden. “Als we veel bouwen, dan hebben we nog het personeel niet. Als we veel buitenlandse verpleegkundigen aantrekken, maar geen plek hebben, dan los je ook niks op.”

Veranderende rol

De rol van de zorgkantoren is de laatste jaren veranderd. Verlaan: “Het is onze taak om voldoende zorg van acceptabele kwaliteit in te kopen, zodat iedereen met een zorgvraag ook de zorg krijgt die hij of zij nodig heeft. Alleen kunnen wij geen medewerkers tevoorschijn toveren en bouwen wij niet zelf. Onze rol gaat daarom steeds meer naar het stimuleren, enthousiasmeren, regisseren, coördineren en faciliteren. Het twee keer per jaar langskomen, informeren hoeveel plekken er nodig zijn en de financiering regelen is voorbij. We gaan nu in gesprek met onder andere zorgaanbieders, cliëntenraden, gemeenten, woningcorporaties en provincies. We kijken gezamenlijk naar wat de vraag is en hoe we daar vorm aan kunnen geven.” Zo gaan zorgkantoren samen met betrokken partijen in de regio op zoek naar passende oplossingen.

Samenwerking optimaliseren

Om de gesprekken met bijvoorbeeld gemeenten en woningcorporaties goed te kunnen voeren, hebben zorgkantoren nieuwe dingen moeten leren. “Wij spraken vroeger nooit met deze partijen. We hebben daarom voor al onze inkopers een e-learning gemaakt. Daarin leggen we onder andere uit hoe een gemeente of woningcorporatie werkt. We hoeven geen expert te zijn, maar als  je wil coördineren en regisseren, moet je wel snappen hoe een wetgevingstraject of bestemmingsplan in elkaar zit”, aldus Verlaan.

Wensen van cliënten en medewerkers

Cliënten en medewerkers krijgen door de maatschappelijke ontwikkelingen ook een andere rol. “Naast cliëntraadplegingen die de zorgkantoren organiseren, nodigen we ook steeds vaker cliëntenraden uit bij de gesprekken met bestuurders van zorgaanbieders. Daarnaast gaan we vaker naar locaties waar we dan spreken met cliënten, hun familie en de medewerkers. Het gaat in deze gesprekken over:  Wat is je vraag? Waar loop je tegenaan? Waarbij kunnen we helpen?  Wat kunnen we stimuleren?”  De informatie die we hier ophalen helpt bij onze taak om passende zorg in te kopen maar ook om mogelijke knelpunten boven tafel te krijgen en gezamenlijk te werken aan oplossingen.

Duidelijkheid is nodig

Gezamenlijk werken aan oplossingen om de zorg toegankelijk te houden, vraagt ook wat van de overheid. Naast sturing op betaalbaarheid is aansluiting op de inhoud nodig. Verlaan: “Wat we vooral nodig hebben is duidelijkheid. Dit kabinet heeft aangegeven dat er een plafond zit aan het aantal intramurale plekken. Dat snap ik. Gemiddeld kost een verpleeghuisplek voor één persoon tussen de 100.000 en 120.000 euro. Je moet alleen wel weten wie er dan recht heeft op de intramurale plek en wie niet. Dat is een keuze die wij als zorgkantoren niet kunnen maken. Die onduidelijkheid maakt het ontwikkelen lastig.” Wie recht heeft op welke zorg wordt niet bepaald door de zorgkantoren, maar door VWS.

Schokeffect

De toename van het aantal ouderen is een grote uitdaging voor zorgkantoren. Om duidelijk te krijgen hoe groot de vraag naar zorg wordt, kwamen de zorgkantoren in 2020 met de regiomonitor capaciteit verpleegzorg. Deze monitor verschijnt jaarlijks in december. “Door de regiomonitor kwamen we erachter dat we 120.000 extra plekken nodig hadden. Dat zorgde voor een schokeffect”, aldus Verlaan. De regiomonitor 2022 die afgelopen december verscheen, laat zien dat de vraag naar verpleegzorgplekken de komende jaren groter is dan het aantal plekken dat beschikbaar is. Het programma Wonen en Zorg voor Ouderen heeft onder andere als doel om passende woonruimte te creëren voor ouderen. “Daar kun je niet tegen zijn. Tegelijkertijd hebben we ook een stikstofprobleem. Je kunt dus wel 900.000 woningen willen bouwen, maar hoe reëel is dat? Dit geeft veel onduidelijkheid in de markt. Het is voor zorgkantoren daarom ingewikkeld om de rol te pakken die ze willen.”

Personeelstekort

Door het tekort aan plekken, lopen de wachtlijsten in de ouderenzorg op. Daarbij is het personeelstekort voor Verlaan een groot probleem. “Afgelopen jaar hebben we het beschikbare geld niet helemaal in kunnen zetten omdat er geen personeel was. Op dit moment staan er 21.500 mensen op de wachtlijst. Deze mensen krijgen overigens wel zorg, maar dat is overbruggingszorg. Zij wachten op een passende plek. Toch is er landelijk ook leegstand. De plekken staan leeg omdat het personeel er niet is. Dan kun je als zorgkantoor wel van alles willen en een noodzaak zien, maar door personeelstekort kan een aanbieder gewoon de zorg niet leveren.”

Meer tijd voor de cliënt

Minister Helder zet vol in op digitalisering van de zorg. Ook Verlaan ziet in digitalisering een deel van de oplossing. Niet om personeel te vervangen, maar juist om ervoor te zorgen dat medewerkers meer tijd voor cliënten hebben. “Het blijft mensenwerk, maar er zijn oplossingen die goed helpen, bijvoorbeeld digitale monitoring. Zo kun je via de mobiele telefoon een pacemaker uitlezen. De uitslag gaat rechtstreeks naar de zorgaanbieder. Dat scheelt de cliënt een reis naar het ziekenhuis en de cardioloog ruimte in zijn spreekuur. De zorg is echter een conservatieve sector. We moeten echt harder gaan lopen op dit soort oplossingen. Daarin zie ik voor zorgkantoren ook een rol. Door bijvoorbeeld zorgaanbieders meer dwingend te stimuleren. Bij de zorginkoop 2024 gaan we dat ook meer doen.”

Bevestiging

In dit inkoopbeleid 2024 wordt ‘zelf als het kan’, ‘thuis als het kan’ en ‘digitaal als het kan’ meegenomen. Dit uitgangspunt van het programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen (WOZO) sluit naadloos aan op de weg die de zorgkantoren hebben ingezet. “De uitgangspunten van WOZO zijn voor ons niet nieuw. Het is een bevestiging en steunt ons in wat we doen. WOZO is een dagelijks onderdeel van wat we doen.”

Uitgelichte artikelen

Bekijk alle berichten
Oudere krijgt hulp van wijkverpleegkundige

Oproep zorgpartijen: “Behoud middelen uit macrokader Wijkverpleging voor toekomstbestendige zorg thuis”

Het beschikbare macrobudget (het totale budget dat beschikbaar is) voor wijkverpleging is het afgelopen jaar niet volledig uitgegeven. Gezien de vergrijzing en de opgave om mensen langer zelfstandig thuis te kunnen laten wonen moet dit geld wel behouden blijven voor de sector. Wijkverpleging blijft immers cruciaal om mensen passende zorg thuis te bieden, ziekenhuiszorg te voorkomen en de huisarts te ontlasten. Dat is de oproep van brancheverenigingen Zorgthuisnl, ActiZ en Zorgverzekeraars Nederland (ZN).

Huisarts schrijft iets op

Reactie Zorgverzekeraars Nederland op hoofdlijnenakkoord

Zorgverzekeraars Nederland ziet veel goede elementen in de zorgparagraaf van PVV, VVD, NSC en BBB. In hun akkoord is veel aandacht voor de gezondheidszorg en wordt komende jaren doorgegaan met het Integraal Zorgakkoord (IZA).

Arts en patient in gesprek
Eerstelijns­zorg

Huisartsen en zorgverzekeraars maken nieuwe afspraken MTVP

Het anders werken in de praktijk met de mogelijkheid voor het nemen van meer tijd in de spreekkamer, is vanaf januari 2025 structureel verankerd in de basiszorg van huisartsen. Meer Tijd voor de Patiënt (MTVP), het landelijk programma dat in ongeveer een jaar tijd is uitgerold bij de huisartsen, wordt dan voor de huisarts structureel bekostigd. De brancheorganisaties in de huisartsenzorg en van de zorgverzekeraars hebben nieuwe afspraken gemaakt om MTVP verder door te ontwikkelen.

Bekijk alle berichten