ZN: aandacht nodig voor maatregelen die toegang tot goede ggz verbeteren
Zorgverzekeraars Nederland (ZN) vraagt in een brief aan de Tweede Kamer aandacht voor maatregelen die de toegang tot goede en betaalbare ggz voor verzekerden verbeteren. Op 26 maart spreekt de Kamer met de minister van VWS over de ggz. Vooral de toegang tot complexe ggz-zorg staat onder druk. Veel mensen met ernstige ggz-klachten moeten te lang wachten op een behandeling. In het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Aanvullende Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) staan doelgerichte afspraken om de toegang tot de complexe ggz te verbeteren. Het is cruciaal dat de ggz-sector deze afspraken met hulp van de overheid kan uit voeren.
Flinke verbetering transparantie ggz-wachttijden in 2026
Per ingang van 2026 zijn zorgaanbieders verplicht om de verwijsdatum van de patiënt te vermelden op de zorgnota waardoor de wachttijd tussen verwijzing en intake/behandeling veel nauwkeuriger kan worden vastgesteld. De verwachting is dat dit jaar met de nieuwe, accuratere informatie de knelpunten inzichtelijk worden en we doeltreffender de toegang tot ggz-zorg voor veel patiënten kunnen verbeteren. Bijvoorbeeld via zorgbemiddeling.
Voorkom onnodige medicalisering van lichte mentale klachten
Zorgverzekeraars roepen de Kamer op om de mentale gezondheidsnetwerken de komende jaren volop te steunen. Bijvoorbeeld door te zorgen dat gemeenten structureel budget en capaciteit vrij kunnen maken voor voldoende aanbod voor de hulpvragen die in het sociaal domein thuishoren. Zo voorkomen we onnodige medicalisering van mentale klachten en onnodig lange wachtlijsten in de specialistische ggz. Zorgverzekeraars vragen de Kamer om de minister aan te moedigen de beschikbaarheid van laagdrempelige steunpunten in de wijk te versterken en te zorgen voor voldoende woonruimte voor mensen met een psychiatrische aandoening.
Meer ruimte voor complexe ggz
Zorgverzekeraars zien nog steeds dat het grote aanbod van lichte ggz-zorg ten koste gaat van het aanbod van complexe ggz-zorg. Veel AZWA-afspraken die de complexe ggz beter toegankelijk moeten maken, zijn afhankelijk van hoe snel het ministerie van VWS, het Zorginstituut en de NZa de benodigde wet- en regelgeving gereed krijgen. Deze aanpassingen kunnen op z’n vroegst in de contractering voor 2028 door zorgverzekeraars worden toegepast. Het is daarom belangrijk dat de wet- en regelgeving dit jaar zijn beslag krijgt. Denk aan verbod op exclusiecriteria, het opnemen van groeps- en digitale behandeling in de zorgstandaarden, zorgvraagtypering op de zorgnota, passende Treeknormen en de normering van de behandelduur.
Uitgelichte artikelen
Zorgverzekeraars Nederland bezoekt ’s Heeren Loo: een zo goed mogelijk leven voor mensen met een beperking
Op 16 oktober bracht Zorgverzekeraars Nederland een inspirerend werkbezoek aan zorgorganisatie ’s Heeren Loo in Ermelo. ‘s Heeren Loo biedt zorg en ondersteuning aan mensen met een verstandelijke en/of andere beperking, van jong tot oud, in bijna heel Nederland. Het bezoek bood een waardevol inkijkje in hoe ’s Heeren Loo omgaat met uitdagingen en ontwikkelingen in de gehandicaptenzorg – en hoe zij actief bijdragen aan vernieuwing.
Zorgverzekeraars Nederland is trots om samen verder te gaan in de Green Deal
Zorgverzekeraars en zorgkantoren blijven verduurzaming aanjagen bij zorgaanbieders, altijd in balans met kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van zorg. In de vier jaar van de afgelopen Green Deal hebben we grote stappen gezet in uniform zorginkoopbeleid en in de uitvoering daarvan. Samen met twaalf andere partijen ondertekende Zorgverzekeraars Nederland 9 oktober de nieuwe Green Deal Duurzame Zorg 2027–2030 ‘Samen verder’. Daarmee zetten we onze gezamenlijke inzet de komende vier jaar voort.
Zorgverzekeraars vergoeden medisch noodzakelijke mineralen-geneesmiddelen ook in 2027
Zorgverzekeraars vergoeden voorlopig ook volgend jaar een aantal zogeheten mineralen-geneesmiddelen vanuit de basisverzekering. Het gaat om kaliumcitraat, magnesiumcitraat, magnesiumgluconaat, magnesiumlactaat en zinksulfaat (zogeheten mineralen), die een groep patiënten niet als voedingssupplement maar als geneesmiddel gebruikt. Dit betreft alleen de bereidingspreparaten en niet de merkproducten Magnence en Magemedi.