Generiek Kompas ‘Samen werken aan kwaliteit van bestaan’ gereed voor achterbanraadpleging
Partijen hebben gewerkt aan het Kompas 'Samen werken aan kwaliteit van bestaan'. Nadat het in maart niet gelukt is dit tripartiet aan te bieden, hebben de partijen de tijd gekregen te werken aan een concretere versie. De betrokken partijen starten nu met de achterbanraadpleging. Deze loopt tot en met 29 november 2023.
Het nieuwe Kompas komt in de plaats van het Kwaliteitskader verpleeghuiszorg, het Addendum bij kwaliteitskader verpleeghuiszorg voor langdurige zorg thuis met een Wlz-indicatie en het Kwaliteitskader wijkverpleging. Het Kompas is ook van toepassing voor de kortdurende zorg, zoals ELV, GRZ en GZSP. Het omschrijft wat mensen met een zorg- en ondersteuningsvraag mogen verwachten van de geboden zorg. Het Kompas moet duidelijk maken wat mensen met een zorg- of ondersteuningsvraag en hun naasten, mantelzorgers, naasten, sociale netwerk, zorg- en welzijnsprofessionals en zorg- en welzijnsorganisaties gezamenlijk onder goede zorg en een waardevolle bijdrage aan kwaliteit van bestaan verstaan. Het uitgangspunt hierbij is dat het gaat over zorg en kwaliteit van bestaan van (kwetsbare) mensen, thuis, in de wijk en in het verpleeghuis.
In de periode december 2022 tot en met maart 2023 hebben bovenstaande partijen met elkaar gewerkt aan een nieuw Kompas Samen werken aan kwaliteit van bestaan. Er was meer tijd nodig om het nieuwe kompas met gedegen input van de achterban en concrete uitwerking tripartiet aan te bieden aan Zorginstituut Nederland. De partijen hebben deze tijd gekregen. Deze nieuwe versie is nu beschikbaar en klaar voor de achterbanraadpleging. Partijen delen het huidige stuk met hun achterban voor besluitvorming over al dan niet mede-indiening van het Kompas bij het Zorginstituut Nederland.
Partijen hebben voor de achterbanraadpleging tot en met 29 november 2023. Voor 1 december 2023 dient het nieuwe Kompas ingediend te zijn bij Zorginstituut Nederland. Voor een zorgvuldige achterbanraadpleging is het van belang dat elke organisatie de tijd en ruimte heeft om zonder invloed van andere partijen tot een besluit te komen. Daarom is afgesproken dat partijen pas na 1 december 2023 communiceren over de uitkomsten van de achterbanraadpleging.
Er is in een intensief proces doorlopen om te komen tot een nieuw Kompas. De partijen die hierbij betrokken waren zijn: ActiZ, ANBO, BPSW, BVKZ, KBO-PCOB, Koepel Gepensioneerden, LOC Waardevolle zorg, MantelzorgNL, NCZ, Nederlands Instituut van Psychologen, NOOM, Patiëntenfederatie Nederland, Sociaal werk Nederland, SOMNL, SPOT, V&VN, Verenso, Zorgthuisnl en Zorgverzekeraars Nederland.
Uitgelichte artikelen
VWS, CumuluZ en ZN maken afspraken voor samenhang data-initiatieven in de zorg
Om landelijke databeschikbaarheid in de zorg te realiseren, is een sterke verbinding nodig tussen regionale initiatieven vanuit het Integraal Zorgakkoord (IZA) en landelijke ontwikkelingen. Daarom hebben het ministerie van VWS, stichting CumuluZ en Zorgverzekeraars Nederland (ZN) afspraken gemaakt over de rolverdeling, governance en samenhang tussen het VWS-programma Landelijk Dekkend Netwerk (LDN) en de regionale data-initiatieven die door zorgverzekeraars met IZA-transformatiemiddelen worden ondersteund.
Alle transformatieplannen voor zorgcoördinatie goedgekeurd
De landelijke partijen die betrokken zijn bij zorgcoördinatie melden dat alle transformatieplannen in de tien Regionaal Overleg Acute Zorgketen (ROAZ)-regio’s op het gebied van zorgcoördinatie formeel zijn goedgekeurd. Dit is te danken aan de grote inzet en samenwerking in de regio’s, waar zorgverzekeraars samen met zorgprofessionals, bestuurders en beleidsmakers de afgelopen periode intensief hebben gewerkt aan concrete afspraken en oplossingen. Daarmee is een belangrijke mijlpaal bereikt in de gezamenlijke inzet om de acute zorg te versterken. En zo patiënten sneller passende zorg te bieden.
Overstapcijfer verzekerden definitief: 6,4 procent
Zo’n 1,15 miljoen verzekerden zijn in het afgelopen maanden overgestapt naar een andere zorgverzekeraar. Dat is 6,4 procent van de verzekerden, een lager aantal dan vorig jaar. Dit blijkt uit het definitieve overstapcijfer van Vektis, die dit vandaag bekend maakte.