Proces beoordeling GLI-programma

Wandelen in het bos

Er zijn afspraken gemaakt over de route en taakverdeling tussen diverse partijen om duidelijkheid te geven over de vraag of een specifiek leefstijlprogramma een gecombineerde leefstijlinterventie (GLI) is die voldoet aan de voorwaarden voor vergoeding onder de Zorgverzekeringswet (Zvw). De betrokken partijen bij de afspraken zijn Zorginstituut Nederland, het RIVM en Zorgverzekeraars Nederland; de koepel van zorgverzekeraars.

Rollen en taakverdeling

Het is over het algemeen de taak van de zorgverzekeraars om te beoordelen of een behandeling een verzekerde aanspraak is onder de Zvw. Een van de criteria daarvoor is of de behandeling conform de stand van wetenschap en praktijk is. Bij de GLI is gekozen om het RIVM daarin een grote rol te laten spelen. Een onafhankelijke erkenningscommissie van het RIVM beoordeelt de kwaliteit, de effectiviteit en de uitvoerbaarheid van interventies. Het Loketgezondleven.nl biedt een overzicht van de erkende interventies en vermeldt daarbij het niveau van de erkenning. Zie hier de werkwijze van het RIVM voor de aanvraag van het erkenningstraject.

In het standpunt van het Zorginstituut over de gecombineerde leefstijlinterventie (GLI) uit 2009, staat dat de gecombineerde leefstijlinterventie een effectieve interventie is bij mensen met overgewicht en obesitas en dat de GLI onder de basisverzekering valt. Volgens het Zorginstituut kunnen nieuwe GLI-programma’s gezien worden als ‘technische varianten’ op deze al bewezen effectieve zorg.

Het toetsen aan de overige eisen van de Zorgverzekeringswet, op basis van de wetteksten, de duidingen van het Zorginstituut en aanvullende inhoudelijke eisen op basis van NZa-regelgeving, is de verantwoordelijkheid van de individuele zorgverzekeraars. Zij hebben ervoor gekozen om deze toetsing te laten plaatsvinden via een beoordelingstraject binnen Zorgverzekeraars Nederland. Het eindproduct van dit traject is een advies over de vraag welke leefstijlinterventies beschouwd kunnen worden als gecombineerde leefstijlinterventies (GLI’s) en daarmee een verzekerde aanspraak zijn, conform de Zorgverzekeringswet. Het is aan de individuele zorgverzekeraars om daarna te bepalen of zij het nieuwe GLI-programma willen inkopen of niet.

Aanmelding en beoordeling nieuwe leefstijlinterventie

Een interventie-eigenaar kan zich zowel bij ZN als bij het RIVM melden met de vraag om een interventie te beoordelen. De interventie-eigenaar wordt gevraagd een aanvraagformulier in te vullen. Omdat in de praktijk blijkt dat de variëteit en doorontwikkeling van de aangeboden programma’s groot is, is de eerste stap dat RIVM en ZN gezamenlijk een schifting maken, op basis van grofweg de volgende criteria:

  • Is er sprake van een interventie?
  • Wordt deze al in Nederland uitgevoerd?
  • Bevat de interventie minimaal de kritische elementen van een GLI: advies over verlaging van de energie-inname, advies over bewegen en ondersteuning bij gedragsverandering?
  • Duurt de interventie minimaal twee jaar, inclusief begeleiding gedurende de gehele twee jaar?
  • Heeft de interventie het juist doel en doelgroep?
  • Zijn er op het eerste gezicht geen belangrijke obstakels om de interventie (te zijner tijd) te gaan beschouwen als een verzekerde GLI?
  • Is de interventie al geëvalueerd?

Alleen als duidelijk is dat het daadwerkelijk een doorontwikkelde interventie betreft, kan het programma door naar de volgende stappen: beoordeling door ZN (op pakketwaardigheid) en door het RIVM (op effectiviteit en uitvoerbaarheid).

Erkende GLI-programma’s

Er is een lijst met erkende GLI-programma’s die zijn opgenomen in het basispakket Zvw.

Meer informatie, contact en aanvraagformulier beoordeling

Algemene informatie over de Gecombineerde Leefstijlinterventie staat op de websites van het RIVM en Zorginstituut Nederland. Op de website van de NZa staat informatie over de bekostiging.

Heeft u vragen over de procedure van beoordelen nieuwe GLI-programma’s, dan kunt u zich wenden tot het volgende mailadres: gli@zn.nl.

Let op: dit mailadres is nadrukkelijk niet bedoeld voor vraagstukken omtrent contractering/zorginkoop/zorgbemiddeling van de GLI. Voor vragen over de contractering/inkoop/zorgbemiddeling kunt u contact opnemen met de individuele zorgverzekeraar.

Wilt u als interventie-eigenaar een nieuw GLI-programma laten beoordelen door ZN? Vul dan het aanvraagformulier in (inclusief gevraagde bijlages).

Uitgelichte artikelen

Bekijk alle berichten
Vrouw aan het werk in de apotheek
Eerstelijns­zorg

Zorgverzekeraars en medicijnleveranciers trekken samen op in strijd tegen de medicijntekorten

Zorgverzekeraars passen hun inkoopbeleid, het zogeheten preferentie- of voorkeursbeleid, op punten aan om risico’s op leveringsproblemen van geneesmiddelen te verkleinen. Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en de brancheorganisaties van leveranciers, Biosimilars en generieke geneesmiddelenindustrie Nederland (BOGIN) en Generieke Leveranciers Nederland (GLN), hebben hierover samen afspraken gemaakt. Hiermee willen de zorgverzekeraars en de leveranciers enkele problemen oplossen en daardoor de beschikbaarheid van medicijnen vergroten.

Eerstelijns­zorg

Visie op eerstelijnszorg is vastgesteld

De eerstelijnszorg toegankelijk houden voor de mensen die dat nodig hebben en bijdragen aan gelijke kansen op goede gezondheid voor iedereen. Dat is het doel van de visie eerstelijnszorg 2030 die dinsdag 30 januari is vastgesteld. De visie is opgesteld voor en door partijen uit het veld. ZN is één van deze partijen. Dat de visie eerstelijnszorg er is, vindt ZN een mooie stap. Het is nu aan de betrokken partijen om gezamenlijk aan de slag te gaan met de uitvoering van de visie.

Oudere krijgt hulp van wijkverpleegkundige
Eerstelijns­zorg

Versterking wijkverpleging in volle gang

De wijkverpleging wordt versterkt om zo de vraag naar ziekenhuiszorg in te perken en beter in te spelen op de vergrijzende samenleving. ActiZ, Zorgthuisnl en ZN hebben hierover vorig jaar in het Integraal Zorgakkoord (IZA) afspraken gemaakt. Zij voeren deze volop uit. Zo krijgen bijna 700 aanbieders van wijkverpleging in totaal 73 miljoen euro uit het IZA-fonds Wijkverpleging dat vorig jaar door de drie partijen is opgericht. Ook hebben zorgverzekeraars uitvoering gegeven aan de afspraak om de wijkverpleging te versterken, de hiervoor beoogde structurele impuls van 175 miljoen is grotendeels gerealiseerd. Ook staat vanaf 15 januari 2024 het opleidingsfonds wijkverpleging open.

Bekijk alle berichten